More share buttons

Behandeling van klinische mastitis met eerste keus injector is een juiste keus

Behandeling van klinische mastitis met eerste keus injector is een juiste keus

Kernpraktijken Rundvee en Boehringer Ingelheim Animal Health hebben samen een prevalentiestudie gedaan om beter zicht te krijgen op de verschillende verwekkers van klinische mastitis. Kernpraktijken Rundvee is een vereniging van 13 dierenartsenpraktijken verdeeld over heel Nederland. Samen werken zij aan een goede diergezondheid en een optimaal dierenwelzijn.

 

 

 

 

De praktijken vroegen een aantal van hun veehouders om een melkmonster te nemen van koeien met klinische mastitis. De melkmonsters werden onderzocht in de laboratoria van een aantal praktijken. De veehouders werd ook gevraagd om een aantal gegevens bij te houden, waaronder de ernst van mastitis. De ernst van mastitis werd onderverdeeld in 3 graden.

Graad 1 vlokken in de melk
Graad 2 vlokken in de melk + zwelling kwartier
Graad 3 Vlokken + zwelling + koorts/zieke koe

Doel van dit onderzoek was om in kaart te brengen welke verwekkers er gevonden worden bij een graad 1, graad 2 of graad 3 mastitis, om zo tot een juiste therapiekeuze te komen. De veehouders werd geadviseerd om graad 1 en 2 mastitis met een nieuwe eerste keus penicilline injector te behandelen en graad 3 mastitis zoals gebruikelijk volgens het bedrijfsbehandelplan. Het geven van een pijnstiller werd geadviseerd bij elke klinische mastitis (graad 1, 2 en 3).
In totaal werden 412 melkmonsters onderzocht van 85 veehouders, waarvan de uitslagen zijn weergegeven in Figuur 1.

Slechts 33 (8%) monsters waren verontreinigd, de veehouders hadden dus op een nette, hygiënische manier melkmonsters genomen. De verontreinigde monsters, de monsters zonder groei (16%) en overig (<1%) werden buiten beschouwing gelaten.
De mastitisverwekkers werden onderverdeeld in Gram positieve kiemen (staphylococcen en streptococcen) en Gram negatieve kiemen (zoals E. coli en Klebsiella). Van alle mastitisgevallen was de verwekker in 80% gram positief en 20% gram negatief.

Van de koeien waar de ernst van mastitis bekend was (n= 254), bleek dat bijna 90% van de mastitisgevallen een graad 1 of graad 2 mastitis was. Afwijkingen aan de koe, zoals koorts, verminderde eetlust of afwijkende produktie (graad 3) werd dus maar in 11% van de mastitisgevallen gezien (zie figuur 2).

Bij de graad 1 en 2 mastitisgevallen waar een mastitisverwekker was aangetoond, werd er in 80% een Gram positieve kiem gevonden (zie figuur 3).

Gram positieve mastitis verwekkers zijn over het algemeen goed gevoelig voor een eerste keus smal spectrum antibiotica. Het advies om graad 1 en 2 mastitis met een eerste keus injector te behandelen volgens het melkveeformularium lijkt dan ook een juiste keus te zijn.

 

 

Deel dit bericht op social media: