Voor spoed 24/7 0161 496016

Behandeling van kalverendiarree

Toen de bijeenkomst op 25 oktober jl over kalverdiarree al gepland was werd bekend dat op die dag ook actie gevoerd zou worden door boeren bij het provinciehuis in Den Bosch. Daarom haakte geheel begrijpelijk een deel van de geïnteresseerden af. Voor deze mensen (en ook voor diegenen die er wel waren) hebben we een samenvatting gemaakt.

Preventie

Het belang van het voorkomen en het op een juiste behandelen van diarree is voor iedereen waarschijnlijk wel duidelijk. Dit voorkomt in het meest extreme geval uitval, maar het scheelt vooral veel groei. Het wordt ook steeds meer duidelijk dat een volledig gezond en snel groeiend kalf zorgt voor een veel hogere productie als vaars. Het belangrijkste rondom de aanpak van diarree is het voorkomen dat er überhaupt diarree ontstaat. Hiervoor is een aantal onderdelen heel erg belangrijk:

  1. Het afkalfmanagement. Als eerste is het belangrijk dat er zo min mogelijk stress is bij de koe. Stress remt het geboorteproces waardoor er meer kans is op een dood of zwak geboren kalf. Het beste is een afgeschermd gedeelte dat nog wel goed in contact staat met de rest van het koppel.
  2. Daarna moet ervoor gezorgd worden dat het kalf schoon geboren kan worden. Een schoon afkalfhok met minimaal een laag vers stro, zodat het kalf niet direct in de mest van de koe duikt. Of nog erger, de mest van de zieke koe die er van tevoren stond. Daarom moet het kalf ook zo snel mogelijk weg uit de afkalfruimte.
  3. Voor een juiste start moet er binnen 6 uur een 3-4 Liter biest gegeven worden van een goede kwaliteit. Voor de kwaliteit zijn twee onderdelen van belang. Ten eerste hoe dik is de biest: dus hoeveel afweerstoffen zitten erin. Streven is een BRIX waarde van boven de 23. Zit het hieronder dan kan er geen goede immuniteit opgebouwd worden.
  4. Daarnaast tonen de laatste onderzoeken aan dat de bacteriologische kwaliteit ook heel erg belangrijk is. Biest met hoge kiemgetallen geeft geen goede afweer, ondanks dat de BRIX goed is. Daarom is het belangrijk de biestwinning hygiënisch te doen. Zorg voor een schone minimelker, een schone dumpemmer en voor schone materialen om de biest te geven. Biest hoort in een koelkast bewaard te worden, dus niet in een emmer in het tanklokaal.

Behandeling

Mocht het voorgaande goed zijn gegaan dan is er een stuk minder kans op diarree, want de ziektedruk is laag gehouden en de weerstand hoog. De nummer 1 oorzaak van diarree is echter voedingsdiarree. In Nederland hebben ongeveer 40% van de kalveren wel eens minder goed verteerde mest. Bijna ongeacht de verwekker van de diarree is er een aantal maatregelen die je het beste kan nemen voor de behandeling:

  • Een kalf met diarree heeft last van 3 zaken: uitdroging, verzuring en energietekort. Deze moeten allemaal behandeld worden.
  • Kalveren nooit helemaal van de melk halen. De darmcellen voeden zich met voedingsstoffen uit de darm. Komen er geen voedingsstoffen langs dan gaan ze dood. Dit zorgt voor een veel slechter herstel. Daarnaast is er geen elektrolyten mengsel dat maar in de buurt komt van de energie die in melk zit. En deze energie hebben kalveren hard nodig om ook tegen de infectie te vechten. Het beste is om 2 of 3x per dag 1 liter melk te geven, liefst met elektrolyten (let op: niet alle elektrolyten kunnen gebruikt worden in melk) . Als de mest weer goed is kan de hoeveelheid weer verhoogd worden.
  • Een kalf (van 40kg) met diarree heeft minimaal 6 liter vocht per dag nodig. Zoals hierboven vermeld: 2 liter melk en daarnaast nog 4 liter vocht. Water alleen is onvoldoende om een kalf er weer snel bovenop te krijgen. Elektrolyten zorgen er namelijk voor dat het vocht veel beter opgenomen wordt en ook dat de verzuring tegen gegaan wordt. Drinkt een kalf niet meer dan mogen elektrolyten ook met de sonde gegeven worden. Met melk mag dit nooit!
  • Er zijn zeer veel verschillende elektrolyten mengsels. Het belangrijkste is het SID getal. Dit geeft de maat aan voor de correctiesnelheid van de verzuring en uitdroging. Er zijn altijd een aantal onderdelen die erin moeten zitten:
    – Buffer. Dit kan citraat, propionaat, bicarbonaat of acetaat zijn. Hierin is Acetaat de beste omdat deze ook voor voeding zorg. Het voordeel van acetaat is dat het in de melk mag, andere kunnen dit niet.
    – Natrium (oftewel zout) om de elektrolyten balans aan te vullen. De opname hiervan wordt gestimuleerd door glucose en kalium. Dit hoort er dus in de juiste balans in te zitten.
    – Vocht. Belangrijk is dat elektrolyten altijd met de goede hoeveelheid aangemaakt worden. Te sterk of te slap, werkt niet optimaal.
    – Geur en smaakstoffen. Dit zorgt voor een veel betere opname van de elektrolyten.
    – Vitamines en mineralen. Onder andere vitamine e heeft een positief effect.
    – Pre- of Probiotica. Dit zou moeten zorgen voor een juiste bacteriecultuur in de darmen.
    – Lactoferrine. Dit is een eiwit dat coli aan zich kan binden en daarmee onwerkzaam maakt.
  • Tot slot: Zorg voor een goede ondersteuning van het kalf. Zorg voor een droge en warme ligplaats dus strooi ze heel dik op. Eventueel een bodywarmer. Zorg er ook voor dat de melk en de elektrolyten lekker warm gegeven worden (tussen 35 en 40 graden). Dit zorgt voor opwarming van het kalf.

 

Deel dit bericht op social media: